• Vlam (Xf)

    De testmethode EN 367 (vlamtest) omvat een hittetransmissie (vlam) met een warmteflux van 80 kW/m2.

    Xf2 Xf1
    HTI Hitte Transmissie Index Niveau 2 Niveau 1
    HTI24 ≥ 13s ≥ 9s
    HTI24 - HTI12 ≥ 4s ≥ 3s
    Niveau 1 is het laagste niveau; niveau 2 is het hoogste niveau.
    Meer over de testmethode EN 367
  • Stralingswarmte (Xr1 of Xr2)

    De testmethode EN 6942 omvat de transmissie van warmte (straling). Hierbij wordt een hitteflux van 40kW/m2 toegepast.

    Xr2 Xr1
    RHTI Straling HTI Level 2 Level 1
    RHTI 24 ≥ 18s ≥ 10s
    RHTI 24 - RHTI 12 ≥ 4s ≥ 3s
    Net als bij de vorige test is niveau 1 het laagste niveau, en niveau 2 het hoogste niveau.
    Meer over de testmethode EN ISO 6942
  • Waterdichtheid (Y1 of Y2)

    Test op waterdichtheid EN 20811

    • Y1 < 20 kPa
    • Y2 ≥ 20 kPa
    Y1: kledingstukken zonder membraan ; Y2: kledingstukken met membraan
    Meer over de testmethode EN 20811
    Sioen - a water penetration test is performed
  • Ademend vermogen (Z1 of Z2)

    Waterdampresistentie EN 31092

    Niveau Z1 > 30m² Pa/W.
    Z1 duidt op een hogere waterdampresistentie dan Z2.
    Dit kledingstuk is minder ademend.

    Level Z2 ≤ 30 m² Pa/W
    Dit kledingstuk heeft een lagere waterdamp resistentie.
    Dit kledingstuk is beter ademend.

    Meer over de testmethode EN 31092

Daarnaast wordt in bijlage B van de EN 469 norm het oppervlak van de retroreflecterende strepen specificeerd (indien de risicoanalyse dit vereist).

  • B.1 Het retroreflecterende materiaal van één enkel type dient op het buitenoppervlak van de beschermende kleding te worden bevestigd met een minimumoppervlak van 0,13m2 voor rondom zichtbaarheid dankzij banden rond de armen, de benen en de romp.
  • B.2 Bij toepassing van fluorescerend niet-retroreflecterend materiaal of een combinatie van materialen van verschillende types dient het oppervlak van het fluorescerende materiaal minimaal 0,2 m2 groot te zijn.

De EN ISO 20471 norm kan ook worden toegepast.