• EN 15614

    Paragraaf 4 van deze norm beschrijft het ontwerp van het pak. Enkele voorbeelden:

    • Sluitingssystemen om het binnendringen van brandende resten te voorkomen
    • De kraag moet rechtop blijven staan
    • Geen manchetten van tricot
    • Een bevestigingssysteem dat de onderrand van de broek en de laarzen overbrugt
    • Mouwen met Sluitingssysteem.
    Sioen - Four firemen are extinguishing a bush fire using a fire engine and fire hoses

Paragraaf 5 schrijft voor dat het kledingstuk gewassen (minimaal 5 keer) dient te worden volgens de instructies van de fabrikant voorafgaand aan de certificering.

De stralingswarmtetest wordt gedefinieerd in alinea 6.3 door de (EN ISO 6942 norm) met een hitteflux van 20kW/m². De stof of de combinatie van stoffen moet een RHTI24 hebben die hoger is dan 11 seconden en een RHTI24-RHTI12 van meer dan 4 seconden.

Bovendien worden alle accessoires, zoals badges en sluitingen, gedurende 5 minuten getest bij een temperatuur van 180°C in overeenstemming met de (ISO 17493) norm. Het toegepaste naaigaren mag niet smelten bij een temperatuur van 260°C.

De stoffen en de kleding dienen ook te voldoen aan verschillende mechanische criteria:

  • De bovenlaagstof dient een treksterkte te hebben die hoger is dan 450N (ISO 13934-1) en een scheursterkte van meer dan 20N (ISO 13937-2).
  • De belangrijkste naden dienen ook een weerstand bieden van minimaal 225N (ISO 13935-2).

Om de classificatie uitstekend comfort te garanderen, dient de stof of de combinatie van stoffen bovendien een thermische resistentie van ≤ 0,055 m².K/W (EN 31092) en een waterdampresistentie van ≤ 10m².Pa/W (EN 31092) te hebben voor een goed ademend vermogen.

Tenslotte dient het kledingstuk ten minste te zijn voorzien van 0,13m² retroreflecterend materiaal (EN 20471) of ten minste 0,2 m² indien een combinatie van reflecterende materialen wordt toegepast.